24 uur in Georgië

Deel dit artikel:
Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

GeorgiëHeb je maar 24 uur om dit onmetelijk mooi land in de Kaukasus te bezoeken? Heel jammer! Dan mis je de sprankelende kust, de oeroude dorpjes in het hooggebergte, de mysterieuze kerkjes in de woestijn, de geheimen van de heilige wijngaarden, en zo kan ik nog een tijdje doorgaan. Maar als het echt niet anders kan, spendeer jouw schamele 24 uur in Georgië dan met deze drie mensen om jouw bezoek de moeite waard te maken.

1. Een priester

Laat je betoveren door de overdaad aan kaarsen, wierook en mozaïeken van een orthodoxe kerk. Kort na de laatste schoolbel van de dag loopt het gebedshuis vol. Niet dat kerken in Georgië ooit leeg zijn, er is altijd beweging. Maar we zijn het niet gewend om de schoolgaande jeugd te zien verzamelen tussen heiligenbeelden. Loop gerust mee met de priester, die blijft niet aan zijn altaar plakken. Hij doet zijn ronde in de bomvolle kerk, van groepje naar groepje, om telkens opnieuw een intieme misviering te doen. Ingetogen wordt er in een kringetje gebeden, errond wordt gelachen en geroddeld als op een dorpskermis. Dat kan uren doorgaan. Priester zijn is hard werken, hier zijn nog veel schapen die gehoed willen worden.

2. Een taxichauffeur

georgie3In Georgië is reizen nog steeds een avontuur. Neem dus zeker een taxi. Zo eentje met kogelgaten in de voorruit, dat zijn de meest interessante. Lijkt het Georgische wegennet op een doolhof voor jou? Dat is geen schande, jouw taxichauffeur vindt dat waarschijnlijk ook. Hij heeft geen idee waar hij met jou naartoe moet. Maar geen nood, onderweg zal hij regelmatig stoppen om de weg te vragen, daar dienen al die voetgangers immers voor. Een gps? Heeft geen zin. Veel taxichauffeurs zijn analfabeet en kunnen geen kaart lezen. Begrijpelijk, alle Georgische letters lijken op een drie.

Sociaal is hij wel. Onderweg vertelt hij trots over zijn glorietijd. Terwijl hij aan zonnebloempjes knabbelt, kijken wij naar foto’s van onze man in een slechtzittend legeruniform, met een kalasjnikov, met een raketlanceerder, met de plaatselijke Miss Tomaat. Je voelt hem bijna snakken naar een nieuwe burgeroorlog.

“Waar gaat u ook alweer naartoe? Het station? Dat ken ik niet.” Voor onze reis in Georgië haddden we nooit gedacht dat we ooit tsjoeketsjoeke zouden zeggen tegen een volwassen man. We zijn uiteindelijk te voet verder gegaan.

3. Een president van een afgescheurde provincie

Wanneer je in Georgië aankomt, zijn Noach, Promotheus, Jason en de Argonauten je al voorgegaan. Ook Assyriërs, Perzen, Arabieren, Ottomanen, een paar Russen en nog wat zelfgemaakte tirannen (met Stalin als de bekendste) hebben allemaal een voetafdruk achtergelaten in het collectief geheugen van dit complexe land. In vergelijking met de Kaukasus voelt de Balkan ordelijk en harmonieus aan.

Ga gerust op de thee in de kanselarij van een opstandig republiekje, het ‘staatshoofd’ zal buitenlanders hartelijk ontvangen. Dat bevordert zijn legitimiteit. Zoals in het zelfverklaard onafhankelijke Zuid-Ossetië, 50.000 inwoners. Het wordt voorlopig alleen erkend door het eveneens miniscule Nauru, en door Moeder Rusland. De klok is er een uur teruggedraaid om synchroon te lopen met orders uit Moskou. Betalingen gebeuren met roebels, dat spreekt. Hier vind je nog de sfeer van de Sovjetunie. Op straat lopen schoolkinderen in hun witste uniformpje langs uitgebrande tanks.

De president is een mix tussen een apparatsjik en een moderne zakenman. Maar gezellig is hij wel. Hij is blij met bezoekers, want hij verveelt zich. Het presidentschap is in deze vallei geen voltijdse bezigheid. We moeten van hem de Georgiërs de hartelijke groeten doen, en hen ook vragen om zijn republiekje voortaan met rust te laten.

georgie2

(foto’s: Pascal Laureyn)

Deel dit artikel:
Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

Plaats een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*